top of page
  • Tinne Horemans

1.26 Wordt een wijs man ooit boos?

Ooit vroeg ik aan filosoof Taurus of een wijs man ooit boos wordt. Zijn antwoord vind je in onderstaand essay.

1 Op een dag vroeg ik Taurus na het college filosofie of een wijs man ooit boos wordt (1).

2 Na de eigenlijke les gaf hij ons de gelegenheid vragen te stellen; waarover we maar wilden (2).

3 Het was tijdens zo’n vragenuurtje dat Taurus een indrukwekkend en lang betoog afstak over wat hij zélf geschreven en bij onze voorvaderen gelezen had over woede - een ziekelijke emotie. Na dit betoog draaide hij zich naar me toe en zei: "Zo denk ík over het fenomeen woede (3)."


Plutarchus over woede

4 Maar het lijkt me een goed idee ook even te luisteren naar het standpunt van Plutarchus, een zeer belezen en intelligente man (4).

5 Plutarchus had een koppige en vervelende slaaf, wiens oren evenwel doordrenkt waren met filosofische lezingen en verhandelingen. Op een dag mispeuterde deze slaaf iets; ik weet niet meer precies wat. En Plutarchus zei: "Trek zijn tunica uit en ransel hem af met een zweep!" (5)

6 Vanaf de eerste klap jammerde de slaaf dat hij dat pak slaag niet verdiend had, dat hij niets slechts had gedaan, ook geen misdaad had gepleegd.

7 Het slaan ging door. Aan het eind huilde en kreunde de slaaf niet meer, hij klaagde niet meer, maar hij gaf Plutarchus een flinke donderpreek. Zonder enige gêne. Hij schreeuwde dat Plutarchus zich zou moeten schamen om zijn woede, dat dit gedrag een filosoof onwaardig is. Hoe dikwijls had Plutarchus lezingen gegeven over de schade die woede berokkent? En had hij geen prachtig boek geschreven over dit thema: Περὶ ἀοργησίας? (6) Was de inhoud [van dat boek, red.] niet volstrekt in tegenspraak met wat Plutarchus nu deed? Verblind door woede en uitzinnig van razernij zijn slaaf straffen? Met een resem zweepslagen? (7)

8 Hierop zei Plutarchus - rustig en zachtjes: "Ik boos op jou? Hoe kom je erbij, dwaas! Waaraan merk jij dan dat ik zo boos zou zijn? Merk je het aan de kleur van mijn gezicht? Aan mijn mimiek? Aan mijn stemtimbre soms? Of aan de dingen die ik zeg? Want volgens mij zie jij geen woede of onrust in mijn blik. Ik schreeuw niet de longen uit mijn lijf, ik schuimbek niet van boosheid, ik loop niet paars aan van razernij. Ook zeg ik niéts waarvoor ik me achteraf zou moeten schamen of waarvan ik spijt zou kunnen hebben.

9 En die dingen zijn allemaal typische symptomen van woede, voor het geval je dat niet zou weten." Daarop wendde Plutarchus zich naar degene die de klappen uitdeelde en zei: "Terwijl ik en hij discussiëren, doe jij gewoon verder." (8)


Taurus over woede

10 En dan nu het orgelpunt van Taurus' betoog. Volgens hem was vrij zijn van razernij (Gr. ἀοργησια) iets anders dan vrij zijn van enig gevoel (Gr. ἀναλγησια). Voor hem was een niet opvliegend karakter hebben (Lat. non iracundum) niet hetzelfde als gevoelloos (Gr. ἀναλγητον) zijn of emotieloos (Gr. ἀναισθητον). Een gevoelloos iemand is afgestompt en vleugellam.


11 De Romeinen noemen emoties affectus of affectiones en de Grieken πάθη. Volgens Taurus is je vrijmaken van emoties niet zinvol. Ook niet van die nogal heftige emotie die we, wanneer ze aanzet tot wraak, ‘woede’ noemen (9). Maat houden, dat is zinvol. Een Griek noemt de eerste houding 'gevoelloosheid' (Gr. στεργησιν) en de andere 'gematigdheid' (Gr. μετριοτης). (10)

Noten bij de vertaling

(1) Met de vraag of een wijs man ooit boos wordt, raakt Gellius een veelbesproken thema aan uit de oudheid: de omgang met emoties. Of een wijs man ooit boos wordt, is een typisch stoïcijnse vraag. Wellicht wil Gellius is dit essay vooral deze filosofische kwestie behandelen en heeft hij de vraag nooit écht gesteld. De anekdote is wellicht fictief.

(2) Taurus’ lessen [Lat. cotidianae lectiones] verliepen volgens een vast schema. Dagelijks volgden de studenten de lessen, behalve op feestdagen. De eigenlijke les bestond uit een zgn. lectio, de gezamenlijke lectuur van Plato’s dialogen, en een bespreking van de gelezen tekst. Een voorbeeld van zo’n lectio van Plato’s Symposium schildert Gellius in NA 17.20. Na de eigenlijke les gaf Taurus zijn studenten de mogelijkheid vragen te stellen; allerlei vragen. Taurus stond open voor alles. Zo kon bijvoorbeeld iemand een tekst voorlezen en Taurus’ opinie vragen, zoals Gellius dat zelf doet in NA 19.6. Ook in andere 'antieke scholen' kregen studenten die mogelijkheid. Ook Plutarchus, Epictetus en Plotinus stonden open voor vragen van studenten.

(3) Eerst vertelt Taurus hoe vroegere schrijvers over de kwestie dachten, pas dan geeft hij zijn eigen kijk op de zaak. Deze werkwijze gebruikte Aristoteles voor het eerst. De opvattingen van zijn voorgangers vormden de inleiding op zijn werk. Later werd deze werkwijze een afzonderlijk wetenschappelijk genre: de doxografie. Naar welke voorvaderen Taurus in zijn betoog precies verwees, vermeldt Gellius niet. In elk geval was er literatuur genoeg: geschriften over emoties in het algemeen, en woede in het bijzonder. Van de Griek Aristoteles bijvoorbeeld, en de Romein Seneca.

(4) Met dit verhaal van Plutarchus (46-120 n. Chr.) illustreert Taurus zijn standpunt aan het eind van dit essay.


(5) Hoe dikwijls de slaaf ook had horen voorlezen uit Plutarchus’ werk, uit zijn gedrag blijkt dat zijn kennis slechts oppervlakkig is, dat hij deze niet heeft verinnerlijkt. Dit was waarschijnlijk een slaaf die zich bezighield met schrijfwerk voor zijn meester. Zulke slaven noteerden het werk dat hun meester voor hen dicteerde, of diens lezingen.

(6) Over de beheersing van woede [Lat. De cohibenda ira]. Dit essay maakt deel uit van Plutarchus’ Moralia.


(7) 11 [459 B ff ]; 13 [459 D] Een prachtig boek? Wellicht heeft de slaaf het over de passage waarin Plutarchus schrijft dat een meester jegens slaven zijn woede moet intomen. Een goed gesprek werkt dikwijls beter dan een hardhandig optreden. Dat betekent niet dat Plutarchus – zoals zijn slaaf beweert – tegen elke straf is, maar wel voor een gepaste straf. En dat is een straf die niet ontstaat uit woede.

In contrast met het gejammer en het geschreeuw van de slaaf, gedrag dat overigens niet past bij zijn status, staat de rustige reactie van Plutarchus.

(8) Je woede intomen betekent niet – zoals de slaaf beweert – dat je niet kwaad mag zijn. De slaaf maakt (on)bewust niet het onderscheid tussen woede [Lat. ira] en tomeloze woede, opvliegendheid of razernij [Lat. iracundia]. Plutarchus legt uit hoe razernij eruitziet. Omdat Plutarchus’ straf niet ontstond uit razernij, is er ook geen enkele reden met straffen op te houden.

(9) Deze definitie van woede was algemeen bekend. Men beschouwde ‘woede’ als een soort verlangen, het verlangen om wraak te nemen.

(10) Taurus neemt hier stelling voor de platoons-peripatetische metriopathie en tegen de stoïcijnse apathie. Volgens Plato en Aristoteles lag de deugd tussen ‘te veel’ en ‘te weinig’ in. Razernij is ‘te veel’, gevoelloosheid ‘te weinig’, het midden ‘vrij zijn van razernij, van tomeloze woede’ is goed.

Ter info

In zijn polemiek tegen de stoïcijnse apathie grijpt Taurus terug naar een bekend argument van de aanhangers van de metriopathie. Maat houden is zinvoller en heilzamer dan het uitroeien van gevoelens.

Nu was niet élke stoïcijn even streng als eerste stoïcijnen. Stoïcijnen uit een latere periode zoals Panaetius beschouwden gevoelloosheid niet meer als een na te streven ideaal. Emoties waren prima, zolang de rede hen maar in toom hield en kon houden. Ook hij pleitte voor metriopathie.

Maar volgens de publieke opinie bleef het apatheia-ideaal typisch stoïcijns. En tegenstanders van de stoïcijnse leer bleven dit beeld verspreiden.

De leer van de metriopathie schreef men vooral toe aan Aristoteles. De visie was wijdverspreid onder de middenplatonici, onder wie ook Taurus. Ook in NA 12.5 pleit hij voor een gecontroleerde omgang met emoties en tegen een totale uitroeiing ervan.

Literatuur

Marie-Louise Lakmann, Der Platoniker Tauros in der Darstellung des Aulus Gellius (Leiden, New York 1995), p. 28-45


R. Marache, Aulu-Gelle. Les nuits Attiques. Livres I-IV (Parijs 2002)


J.C. Rolfe, Gellius Attic Nights Books 1-5 (Londen 1946)


Meer weten?


Meer over Taurus' optreden in de Attische Nachten lees je in: Tinne Horemans, College lopen in de Oudheid. Gellius als lid van de inner circle, Hermeneus 94.2, p. 23-26

Comments


bottom of page