top of page
  • Tinne Horemans

4.4 De Latijnen geven verloving juridische basis

Wat Servius Sulpicius schreef in zijn boek De bruidsschat over de wetten en gebruiken die golden voor verlovingen in de tijd van onze voorvaderen (Lat. veterum sponsaliorum).


1 In het boek De bruidsschat schrijft (1) Servius Sulpicius dat in het deel van Italië dat Latium heet een verloving doorgaans plaatsvond volgens deze wetten en gebruiken.

2 “Wie met een vrouw wilde trouwen”, schrijft hij, “vroeg diegene die haar weg zou schenken, officieel te beloven (Lat. stipulabatur) dat hij haar ook daadwerkelijk uit zou huwelijken. De man die met de vrouw wilde trouwen, legde eveneens de officiële belofte af [met haar te trouwen, red.] (Lat. spondebat)


Deze overeenkomst - op basis van een wederzijdse plechtige belofte - werd sponsalia [Nl. verloving] genoemd. 'Zij die plechtig beloofd was' een sponsa [Nl. verloofde] en 'hij die plechtig beloofd had te zullen trouwen' een sponsus [Nl. verloofde].


Stel nu dat na die formele toezeggingen (Lat. stipulationis) de vrouw niét werd uitgehuwelijkt, of er werd niét met haar getrouwd, dan klaagde 'hij die plechtig beloofd had haar uit te huwelijken' (Lat. qui stipulabatur) of 'hij die plechtig beloofd had met haar te trouwen' (Lat. qui spoponderat) de ander aan op basis van de overeenkomst (Lat. ex sponsu agebat).


De rechters namen kennis van de zaak. De rechter onderzocht waarom de vrouw niet was uitgehuwelijkt, of waarom ze het jawoord niet had gekregen. En als voor de rechter geen enkele reden gegrond was, berekende hij het geldbedrag overeenkomstig het voordeel dat met deze vrouw trouwen of haar uithuwelijken op zou hebben geleverd. Waarop de rechter ofwel de man die plechtig beloofd had te trouwen, of (2) degene die plechtig beloofd haar haar uit te huwelijken, tot dat bedrag veroordeelde.


3 Servius zegt dat dit ‘verlovingsrecht’ (Lat. ius sponsaliorum) gold in de tijd dat het burgerschap door de wet Julia (3) aan alle inwoners van Latium werd gegeven.


4 Hetzelfde schreef Neratius (4) in zijn boek Het huwelijk.


Dit doctoraat (1938): bij voetnoot 12;

Noten bij de vertaling


(1) Frag., 1, t. 1, p. 135 Bremer.


(2) De lezing van Marache (ei) en die van Rolfe (aut).


(3) In 90 v. Chr., in het kader van de ongeregeldheden, de bondgenotenoorlog en de wetgeving die tot gevolg had dat het recht op burgerschap werd uitgebreid tot de Italianen.


(4) Frag. 1 Bremer. Neratius is een van de grote juristen tijdens de regering van Trajanus en Hadrianus.


Literatuur


R. Marache, Aulu-Gelle. Les Nuits Attiques. Livres I-IV (Parijs 2002)


J.C. Rolfe, Aulus Gellius. The Attic Nights. Books 1-5 (Londen 1946)


bottom of page